‘Investeren in goede kindvoorzieningen loont’

Een breed toegankelijke kinderopvang voor twee dagen in de week voor alle kinderen van nul tot vier jaar. En een brede schooldag waarin onderwijstijd en opvangtijd flexibeler in elkaar over lopen. Twee punten uit de visie van het Platform Toekomst van Arbeid, waarmee aan het kabinet concrete bouwstenen werden aangereikt voor de toekomst van werk, leren en verzekeren.

PO-Raad voorzitter Rinda den Besten werkte op persoonlijke titel mee aan de lijn van ‘het jonge kind’ binnen het Platform. Rinda den Besten: ,,Kinderen beginnen al ver voor hun vierde jaar met leren. Juist daarom is die voorschoolse periode zo belangrijk: kinderen kunnen zich daar op een spelende manier verder ontwikkelen, zodat ze zonder achterstanden en goed toegerust aan de basisschool beginnen. Als kinderen eenmaal een achterstand hebben, zien we dat ze dit op school lastig inhalen. Het is mooi als we een achterstand in taal, sociaal-emotionele ontwikkeling of op andere vlakken bij kinderen in een voorschoolse voorziening vroeg kunnen signaleren en aanpakken.’’

Dat beaamt Berry Hakkeling, directeur bij Kindcentrum de Ark in Vlaardingen. ,,Zestien uur opvang voor jonge kinderen is een gigantische stap vooruit. Je ziet nu grote verschillen veroorzaakt door de financiële draagkracht van de ouders. Kinderen van werkende ouders gaan naar de kinderopvang, andere kinderen gaan naar de peuterspeelzaal. Er is ook een groep kinderen die helemaal niet naar een voorschoolse voorziening gaan. Het is voor hun ouders vaak financieel niet haalbaar. Het zijn verschillende werelden. We moeten echt af van de ongelijkheid die we in Nederland op dit gebied gecreëerd hebben. Het is tijd voor het kindcentrum als vindplaats voor álle kinderen.’’

,,Er blijft een groep kinderen lang uit beeld”, vertelt Jeannette de Jong, bestuurder bij Blosse. “De groep jonge kinderen met een achterstand zou je juist een rijk ontwikkelklimaat willen bieden.’’ Den Besten is het met haar eens: ,,Het huidige stelsel is niet alleen ongelooflijk ingewikkeld voor ouders, maar werkt ook segregerend. Het systeem staat centraal en niet het kind. Dat moet anders.”

Bij Blosse raken de werelden van kinderopvang en onderwijs steeds meer met elkaar verbonden, geeft Jeanette de Jong aan. Van de 27 scholen binnen het bestuur van Blosse, hebben er 23 een eigen kinderopvang. Vaak met één leidinggevende die zowel de school als de kinderopvang aanstuurt. Die samensmelting werkt volgens De Jong heel prettig: “kinderopvang en onderwijs zijn steeds meer met elkaar verweven geraakt. Peuters zitten in een lokaal naast de kleuters. De overgang van opvang naar school is veel kleiner. Eigenlijk zie je de mooiste voorbeelden tijdens de coronacrisis. De afstemming tussen kinderopvang en onderwijs verliep bij ons vlekkeloos.’’ Dat herkent Rinda den Besten: ,,Er was al een toenemende samenwerking tussen scholen en kinderopvang, maar de coronacrisis werkt als een soort vliegwiel. We zagen dat scholen en kinderopvang die al intensief samenwerkten vóór het coronavirus de kop opstak, nu de zaken, hoe ingewikkeld ook, snel en soepel op elkaar hadden afgestemd. De lijntjes waren immers kort.” Ze vult aan: “Helaas maakt de discussie over het risico op achterstanden door sluiting van de school of kinderopvang de noodzaak van een goede voorschoolse voorziening extra duidelijk.’’

Het Platform Toekomst van Arbeid bepleit een brede schoolvoorziening waarbij onderwijstijd en voor- en naschoolse opvang in elkaar overlopen. Hoe zien jullie dat? Den Besten: “Als het gaat om de buitenschoolse periode is het voor het onderwijs belangrijk om meer samen te werken met de kinderopvangsector. Voor kinderen is een afwisselend dagprogramma fijn, ouders hebben baat bij de ontzorging en scholen en kinderopvangorganisaties kunnen gebruik maken van elkaars expertise.’’ Hakkeling is het hiermee eens: ,,Het lijkt mij ideaal: een wijk met een kindcentrum en ruimte voor allerlei activiteiten: sport, muziek, kinderopvang, onderwijs, maar ook zorg en jeugdhulp. Ik zie nu dat de stap voor ouders die ondersteuning nodig hebben groot is met veel drempels, lange wachttijden en verschillende loketten waar je elke keer opnieuw je verhaal moet doen. Binnen een brede school of een kindcentrum kan dat veel laagdrempeliger.’’

,,Bij Blosse hebben we de wens rondom een brede schooldag ook. Je kunt een gevarieerd aanbod creëren. Kinderen krijgen bijvoorbeeld les rondom inhoudsmaten van een leraar en gaan vervolgens met een pedagogisch medewerker een taart bakken. Ook geeft een brede schooldag kinderen die anders nooit in aanraking komen met muziek, kunst en cultuur de kans hiervan te proeven’’, zegt Jeanette de Jong.

Hoe mooi de samenwerking tussen kinderopvang en onderwijs ook is, er is een aantal drempels in wet- en regelgeving waar kindcentra last van hebben. Het Platform pleit voor het wegnemen van deze belemmeringen. De Jong: ,,Denk aan de verschillende toezichtkaders en de beperkingen in het mengen van kinderen tussen nul en zes jaar in één groep .’’ Het meeste last heeft ze echter van de verschillende geldstromen. ,,Zodra het economisch minder gaat, zet dat de ontwikkeling van kindcentra onder druk. Ik ben daarom een groot voorstander van publieke financiering van de kinderopvang. En ja, dat kost geld, maar dat is het dubbel en dwars waard. We kennen allemaal de voorbeelden: de woordenschat die kinderen op tweejarige leeftijd hebben verdubbelt steeds. Heb je dus een kleine woordenschat op die leeftijd, dan houd je daar je hele leven last van. Investeren in goede kindvoorzieningen loont!’’

Platform Toekomst van Arbeid en het jonge kind
In het hoofdstuk ‘Jonge Kinderen en hun Ouders’  werkt het Platform de adviezen voor een nieuw regeerakkoord uit langs vijf lijnen:
Ouderschapsverlof
Voor ouders van nul-jarigen geldt ouderschapsverlof van 20 weken. Beide partners kunnen dit verlof opnemen. Ouders kunnen ervoor kiezen beperkt ouderschapsverlof op te nemen en kunnen dan inkomensafhankelijk uren kinderopvang (VOT) inkopen.
Speelleerschool
De speelleerschool van nul tot zes jaar kent ‘Voorschoolse Ontwikkel Tijd’ (VOT). Kinderen van 1-4 jaar krijgen recht op 832 uur VOT (16u/week: gratis voor ouders met een inkomen tot 130 procent minimumloon). Kinderen van vier en vijf jaar hebben recht op 940 uur VOT. Ouders die meer uren nodig hebben kunnen extra uren inkopen. De kinderopvangtoeslag wordt afgeschaft. Ouders betalen de ouderbijdrage aan de overheid. Platform Toekomst van Arbeid beschouwt het werken met kinderen van nul tot zes jaar nadrukkelijk als één domein met één curriculum.
Brede talentontwikkeling
Alle kinderen van zes tot twaalf jaar hebben recht op 360 uur Brede Talentontwikkeling (BTO) per jaar. Dit is gratis en verplicht, naast 840 uur onderwijstijd. Het Platform Toekomst van Arbeid gaat uit van één curriculum zes tot twaalf jaar. Ouders die meer nodig hebben kunnen extra BTO-tijd inkopen.
Kindcentra
Platform Toekomst van Arbeid wil dat wat nu nog niet goed mogelijk is (integrale kindcentra die vanuit één organisatie zowel onderwijs als kinderopvang kunnen aanbieden) faciliteren, stimuleren en als optie wettelijk mogelijk maken. Daarbij hoort ook de uitwerking van een stevige transitiestrategie op basis van gelijkwaardigheid van primair onderwijs en kinderopvang. De overheid moet een aantal belemmeringen wegnemen om kindcentra te stimuleren:
Het moet mogelijk worden kinderen tussen nul en zes jaar te mengen in een groep  
Het moet mogelijk worden onderwijs- en opvangtijd af te wisselen gedurende de dag  
Er moet een toezichtkader komen voor de dienstverlening voor kinderen van nul tot zes jaar.  
Onderwijskwaliteit
Het Platform stelt voor de opbrengsten in het primair onderwijs stapsgewijs te verhogen. Daarom wordt bepleit om het percentage leerlingen dat de gedefinieerde referentieniveaus voor Taal en Rekenen haalt stapsgewijs te verhogen. De ambitie moet zijn dat alle leerlingen het fundamentele niveau behalen en een zo hoog mogelijk percentage ook het streefniveau bereikt. 

Wil je meer weten over het Platform Toekomst van de Arbeid? Bekijk dan de website www.toekomstvanarbeid.nl en lees het persbericht. Lees ook het interview met Rinda den Besten (PO-Raad) en Karen Strengers (Dak Kindcentra en Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang over het belang van investeren in jonge kinderen.



lees verder …



KLIK HIER voor de bron van dit bericht (PO raad)